Additional menu

13-13-Spierfunctiestoornissen van de heupmusculatuur bij patellofemorale pijn194844245

Spierfunctiestoornissen van de heupmusculatuur bij patellofemorale pijn

Spierfunctiestoornissen in de heupmusculatuur gaan vaak samen met patellofemorale pijn. Er is ook steeds meer wetenschappelijk bewijs dat oefentherapie, gericht op de heupspieren, ondersteunt. Echter in de praktijk is het vaak lastig om goed te bepalen welke parameters precies verstoord zijn, en waar dus het aangrijpingspunt voor fysiotherapie moet liggen.

In deze studie vergeleken de onderzoekers kracht, uithoudingsvermogen en power van de heupabductoren en extensoren bij mensen met en zonder patellofemorale klachten. Tweeëndertig  fysiek actieve mensen, tussen de achttien en vijftig jaar, deden hieraan mee. De ene helft had patellofemorale klachten en de andere helft van de deelnemers had deze klachten niet. Via advertenties en sociale mediakanalen hadden de deelnemers zich voor dit onderzoek aangemeld.

De deelnemers met patellofemorale klachten moesten ten minste twee maanden lang retropatellaire of peripatellaire pijn hebben (minimaal VAS=3) in minstens drie van de volgende activiteiten: traplopen, rennen, knielen, squatten, lang zitten, springen, isokinetische contractie van de quadriceps, palpatie mediaal of lateraal van de patella. De deelnemers in de controlegroep hadden geen van deze klachten.

Metingen

Een fysiotherapeut met meer dan zeven jaar werkervaring voerde alle metingen uit. De therapeut wist niet van tevoren welke personen klachten hadden en welke niet.

Om de maximaal isometrische contractiekracht van heupabductoren en –extensoren te meten gebruikte de fysiotherapeut een handheld dynamometer. Voor de abductoren lag de proefpersoon in zijlig met de onderste extremiteit in de neutraalstand. De handheld dynamometer was op de knie gefixeerd met een elastische band rondom de behandelbank. De deelnemer kreeg de instructie om langzaam het been opzij te bewegen tot maximale inspanning. Dit moest drie keer, telkens vijf seconden, met een minuut rust tussen de trials. Om de isometrische kracht van de extensoren te meten lag de proefpersoon in buiklig met de knie in 90 graden, de dynamometer in de knieholte gefixeerd met een band om de behandelbank. Om vervolgens op dezelfde wijze de heup te extenderen. De maximale kracht werd in newton gemeten en omgezet in moment door de kracht te vermenigvuldigen met de afstand tussen de trochanter major en laterale condyl.

Om de dynamische kracht te meten stond de proefpersoon naast een pulley met een band om de enkel. De persoon kreeg de instructie om op de beats van een metronoom (60 slagen per minuut) de heup te abduceren tot voorbij de dertig graden. Dit was aangegeven met een markering op de vloer. Het gewicht aan de pulley werd steeds zwaarder gemaakt totdat 10 RM was bereikt. De dynamische extensiekracht werd op dezelfde manier gemeten. Twee markeringen op de vloer gaven de beweging van twintig graden flexie tot voorbij twintig graden extensie heup aan.

Voor de powermeting stond de proefpersoon in dezelfde uitgangsposities als voor de dynamische kracht. Op 80% van 10RM moest de proefpersoon ze snel mogelijk het been abduceren, dan wel extenderen in de heup. Een transducer nam de tijd en de verplaatsing van het been op tijdens de beweging, en berekende daaruit de power.

Voor de metingen van het uithoudingsvermogen lag de deelnemer op de behandelbank in zijlig met de heup in tien graden adductie. Op de hoogte van dertig graden abductie stond een target. De persoon kreeg de instructie om het target te raken. Dit moest op de maat van de metronoom (60 keer per minuut) net zo lang totdat dat niet meer lukte. Voor de test voor het uithoudingsvermogen van de heupextensoren stond de deelnemer voorover gebogen over de behandelbank, zodat de heup in 60 graden flexie was. De proefpersoon moest het been, zolang als dat lukte, op het ritme van de metronoom bewegen tot de neutraalstand. Na afloop moesten de deelnemers op de BORG-schaal aangeven hoe zwaar ze de belasting hadden ervaren.

Alle metingen werden na twee tot zeven dagen herhaald om de test-hertestbetrouwbaarheid te kunnen bepalen.

De auteurs hebben acht filmpjes op YouTube gezet om te laten zien hoe ze de metingen hebben uitgevoerd. http://bit.ly/hipmuscleassess

Resultaten

De spierfunctie van de heupspieren bleek in de groep met patellofemorale klachten significant minder te zijn dan in de controle groep. Dat gold voor de isometrische en dynamische kracht en de voor de power. Bij de personen met patellofemorale klachten was de isometrische kracht van de abductoren eenentwintig procent lager en van extensoren vijfentwintig procent lager vergeleken met de controlegroep. De 10 RM was voor de abductoren vijftien procent lager en voor de extensoren achttien procent lager dan in de controlegroep. Bij de powermetingen konden de heupabductoren van de deelnemers met patellofemorale pijn eenendertig procent en de extensoren negenentwintig procent minder power leveren dan de controlepersonen.

Wat betreft het uithoudingsvermogen was er geen verschil tussen beide groepen. Ook de ervaren inspanning, gemeten op de BORG-schaal was in beide groepen vergelijkbaar.

De test-hertestbetrouwbaarheid wordt doorgaans aangegeven met een getal tussen de 0 (waardeloos) en 1 (perfect). Bij alle metingen was de test-hertestbetrouwbaarheid goed tot uitstekend. Dit varieerde van 0,81-0,98.

Discussie en conclusie

Met eenvoudige klinisch toepasbare meetinstrumenten kan de fysiotherapeut isometrische en dynamische spierkracht en power meten van de heupabductoren en extensoren bij patiënten met patellofemorale pijn. Alle instrumenten en procedures zijn in de praktijk bruikbaar en niet duur.

Progressieve weerstandtraining van de heupspieren is een mogelijk aangrijpingspunt voor therapie. Een handheld dynamometer lijkt sensitief genoeg om de isometrische en dynamische spierkracht van deze grote spiergroepen voor en na de interventies te evalueren.

Bron: Nunes, G. S., de Oliveira Silva, D., Pizzari, T., Viadanna Serrão, F., Crossley, K.M., Barton, C.J. (2019). Clinically measured hip muscle capacity deficits in people with patellofemoral pain. Physical Therapy in Sport: 35 69e74

Foto bij artikel door Maridav / Shutterstock

Samenvatter: Shanty Sterke
Redactie: Peter van Burken.

Gravatarfoto voor Peter van Burken

Peter van Burken

Dertig jaar ervaring als fysiotherapeut/psycholoog. Auteur van Gezondheidspsychologie voor de fysiotherapeut en het boek Mindfulness en fysiotherapie. Initiator en docent Psychfysio opleidingen.

Reader Interactions

Om de twee weken zes samenvattingen

Fysiotherapeut? ja nee

6000+ fysiotherapeuten ontvangen de nieuwsbrief.

Database met 1225+ artikelen

Cursussen 2020

Pijn- en Stressmanagement technieken

3 dagen. Start 7 januari 2020. Prijs 595,-...

De Mindful Fysiotherapeut

8 dagen. Start 9 januari 2020. Prijs 1295,-...

Dansante Fysiotherapie op basis van Laban/Bartenieff

8 dagen. Start 19 maart. Prijs 1095,- Inschrijven...

Praktijk – Neurolinguïstisch Programmeren (NLP)

3 dagen. Start 13 januari 2020. Prijs 595,-...

Fysiopilates opleiding

9 dagen. Start 28 januari 2020. Prijs 1295,-...

De Running Fysiotherapeut

5 dagen. Start 22 april 2020. Prijs 895,-...

Motivational interviewing en oplossingsgericht coachen

3 dagen. Start 22 mei 2020. Prijs 595,-...

Acceptance and Commitment Therapy bij pijn

3 dagen. Start 26 mei 2020. Prijs 595,-...

Motorisch trainen bij musculoskeletale pijn – Wervelkolom –

4 dagen. Start 3 juni 2020. Prijs 875,-...

Data volgen

Motorisch trainen bij musculoskeletale pijn – Extremiteiten –

4 dagen. Start najaar 2020. Prijs: 875,- Inschrijven...

Gezondheidspsychologie voor de fysiotherapeut

5 dagen. Start voorjaar 2021. Prijs 875,- Inschrijven...