Spring naar content
Psychfysio
  • NIEUWS
  • E-LEARNING
  • CURSUSSEN
  • COMMUNITY
  • WIE WIJ ZIJN
    • Wie wij zijn
    • Docenten
    • Nieuwsbrief
    • Goed doen
Psychfysio
  • NIEUWS
  • E-LEARNING
  • CURSUSSEN
  • COMMUNITY
  • WIE WIJ ZIJN
    • Wie wij zijn
    • Docenten
    • Nieuwsbrief
    • Goed doen

Opvattingen over duur, gevolgen en persoonlijke invloed voorspellen ongunstig verloop van aspecifieke lage rugpijn

06/07/2008 | Peter Van Burken | rugpijn

Disfunctionele opvattingen over duur, gevolgen en eigen invloed voorspellen slechter herstel bij aspecifieke lage rugpijn. Vroege herkenning van deze ‘gele vlaggen’ biedt kansen voor gerichte interventie. Lees welke overtuigingen het risico vooral verhogen.

Er zijn diverse psychologische factoren (gele vlaggen) die verband houden met het onderhouden van pijn en beperkingen bij patiënten met chronische lage rugpijn. De sterkte van deze samenhang staat echter nog ter discussie. Als deze psychologische factoren, die een negatief verloop voorspellen, vroegtijdig geïdentificeerd worden, kan daar in preventieve zin op gereageerd worden.
De auteurs van dit artikel onderzochten of ziekte opvattingen (illness beliefs) van de patiënt het beloop van lage rugpijn beïnvloedt. Ze gebruiken daarvoor het common-sense model van Leventhal e.a. (1980). Het model brengt de opvattingen van de patiënt over zijn ziekte in kaart en dit bepaalt weer zijn ziektegedrag en emotionele reactie. Het model onderscheidt vijf verschillende groepen van ziekte opvattingen:

  1. Label (identiteit)
  2. Oorzaak
  3. Gevolgen
  4. Tijdslijn
  5. Controle of therapie

Deze opvatting, functioneel versus disfunctioneel, blijken het verloop te voorspellen van diverse ziekten, maar zijn nog weinig onderzocht bij musculoskeletale aandoeningen.

Methode

Bij dit onderzoek werden 3150 patiënten benaderd met aspecifieke lage rugpijn. Binnen één week na consultatie bij hun huisarts in verband met hun rugklachten kregen ze de vragenlijsten toegestuurd. Na 6 maanden volgde de follow-up vragenlijsten. Uiteindelijk maakten 1591 patiënten het onderzoek af. De vragenlijsten:

  • Sociale demografische gegevens,
  • Lage rugpijn: Roland and Morris Disbility Questionnaire (RMDQ),
  • Informatie over de zelf ingeschatte mate van herstel, duur van de klachten etc.
  • Opvattingen over de rugpijn: illness perception questionnaire-Revised (IPQ-R), (aangepast op rugpijn) http://www.uib.no/ipq/html/citing.html

Resultaten

De RMDQ was op baseline 8,6 en bij follow-up 6.2. Drieënzestig procent van de patiënten hadden (sub)acute lage rugpijn (korter dan 3 maanden), elf procent had langer dan drie jaar klachten.
Na 6 maanden kan op basis van de RMDQ en zelf aangegeven verbetering opgemaakt worden dat bij 41% tot 52% van de patiënten het herstel slecht was.

Lees verder:  Speelt het weer een rol bij acute rugklachten of niet?

De patiënt zijn opvattingen over lage rugpijn

De opvattingen van de patiënten in de diverse subcategorieën van de IPQ-R blijft gedurende 6 maanden opvallend stabiel.

De voorspellende waarde van de ziekte opvattingen

In overeenstemming met het common-sense model zijn patiënten met disfunctionele opvattingen over hun lage rugpijn na 6 maanden minder hersteld dan patiënten met functionele opvattingen. De disfunctionele opvattingen die een slecht herstel voorspelden waren:

  • verwachten dat de rugpijn lang zal duren,
  • ernstige nadelige gevolgen van de rugpijn verwachten,
  • menen zelf weinig controle te hebben over de lage rugpijn

In getal uitgedrukt werden de volgende verbanden gevonden.

Bezien vanuit de RMDQ:

Patiënten die op baseline in het hoogste kwartiel van disfunctionele percepties zaten wat betreft ‘gevolgen’ hadden 50% meer kans op een slechte uitkomst na 6 maanden.
Degene (hoogste kwartiel) die op baseline verwachten dat hun rugpijn lang zal duren hebben 200% meer kans op een slecht beloop.
Degene (25% kwartiel) die tijdens de baseline menen dat ze zelf geen positieve invloed op hun rugpijn kunnen uitoefen hebben 40% meer kans op een slecht verloop.

Bezien vanuit zelf geschatte vooruitgang:

Degene die bij baseline disfunctionele opvattingen hadden, hadden een 2 tot 3 maal hogere kans op vertraagd herstel.

Opmerking samenvatter

Disfunctionele ziekte opvattingen zijn een belangrijke gele vlag. Uit dit prospectieve onderzoek wordt dat expliciet voor lage rugpijn bevestigd. Vooral de opvattingen over de duur van de klachten (tijdlijn), gevolgen van de lage rugpijn en de invloed die ze zelf menen te hebben moeten onderzocht en mogelijk gecorrigeerd worden.

Bron:

Foster, N. E., Bishop, A., Thomas, E., Main, C., Horne, R., Weinman, J., Hay, E. (2008). "Illness perceptions of low back pain patients in primary care: what are they, do they change and are they associated with outcome?" Pain 136. doi: 10.1016/j.pain.2007.12.007

* Meld een spelfout of onjuistheid.

Peter Van Burken

Peter Van Burken

Psycholoog / ex-fysiotherapeut. Auteur van Gezondheidspsychologie voor de fysiotherapeut en het boek Mindfulness en Fysiotherapie. Initiator en docent Psychfysio opleidingen.

Posts navigation

← Verwarring rondom vermoeidheid
Levensverhalen van de patiënt zijn een constructie →

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Ontvang wekelijks een nieuwsbrief met drie samenvattingen op het gebied van fysiotherapie en het biopsychosociale model.

Inschrijven
Cursussen 2026

Wij bieden hoogwaardige en betaalbare nascholing voor fysiotherapeuten. Een biopsychosociale benadering staat daarbij centraal.

  • Contact
  • Cursussen
  • Nieuwsbrief
  • E-learning (blended)
  • Tijdschriften
  • Goed doen
  • Privacybeleid
  • AI versus mensenwerk
  • Disclaimer Psychfysio opleidingen
  • Algemene voorwaarden
  • Klachtenprocedure
© 2026 Psychfysio opleidingen | Middelhoeve 33, Nieuwegein